Beveiligingsverificatie beheren
Exporteer, importeer en verifieer beveiligingscertificaten zodat clients en servers overeenkomende certificaten gebruiken voor versleuteling van de gegevensoverdracht via TLS.
Met het oog op de gegevensbeveiliging moeten de beveiligingscertificaten van clients en toegevoegde servers identiek zijn. U kunt instellen of het verifiëren van het certificaat vereist is wanneer u de versleuteling van de gegevensoverdracht via het TLS-protocol (Transport Layer Security) inschakelt.
Voordat u een server aan de client toevoegt, moet u het servicecertificaat exporteren vanuit de clientservice en het naar de server importeren. Als meerdere clients dezelfde server gebruiken, moet u de beveiligingscertificaten van de clients en de server identiek aan elkaar maken.
Certificaat exporteren vanuit Servicebeheer
U kunt het beveiligingscertificaat exporteren vanuit de huidige clientservice en het geëxporteerde certificaatbestand naar andere clients importeren.
Stappen
- Open Servicebeheer.
- Klik op Exporteren om het certificaatbestand op de lokale pc op te slaan.
Het certificaatbestand heeft de XML-indeling.
Wat u hierna moet doen
Nadat u het certificaat hebt geëxporteerd, kunt u het certificaat kopiëren naar de pc waarop de client is geïnstalleerd en het naar andere clients importeren.
Certificaat naar de client importeren
Als er meerdere clients toegang hebben tot dezelfde streamingmediaserver, moet u hetzelfde certificaat naar de clients en de server importeren.
Voordat u begint
Zorg ervoor dat u het beveiligingscertificaat vanuit een van de clientservices hebt geëxporteerd.
Raadpleeg voor meer informatie Certificaat exporteren vanuit Servicebeheer.
Stappen
- Kopieer het certificaatbestand dat vanuit een andere client is geëxporteerd naar de lokale pc.
- Open de module Systeemconfiguratie.
- Klik op het tabblad Beveiligingsverificatie om het instellingenscherm voor beveiligingsverificatie te openen.
- Klik op Importeren.
- Selecteer het certificaatbestand op uw lokale pc en klik op Openen.
Start de client opnieuw op om de wijziging door te voeren.
Certificaatverificatie voor versleuteling van de gegevensoverdracht
Op de pagina Beveiligingsverificatie kunt u instellen of de verificatie van het apparaatcertificaat vereist is voor de versleuteling van de gegevensoverdracht.
Klik op Systeemconfiguratie → Beveiligingsverificatie om het scherm voor beveiligingsverificatie te openen. Stel Certificaat verifiëren in op Ja of Nee.
Ja
U moet het apparaatcertificaat in de aangewezen map plaatsen als u versleuteling van de gegevensoverdracht inschakelt bij het toevoegen van een apparaat. Het apparaat wordt dan toegevoegd met versleutelde gegevensoverdracht en het certificaat wordt geverifieerd, wat het beveiligingsniveau verhoogt.
Nee
Het apparaatcertificaat is niet vereist als u versleuteling van de gegevensoverdracht inschakelt bij het toevoegen van een apparaat. Het apparaat wordt dan toegevoegd met versleutelde gegevensoverdracht.
E-mailparameters instellen
Configureer de SMTP-e-mailinstellingen en ontvangers zodat de client e-mailmeldingen kan verzenden wanneer een gebeurtenis wordt geactiveerd.
Hoofdstuk 22 Bediening en onderhoud
Voer clientonderhoudstaken uit, zoals logboeken, configuratieback-up, uitzending, gezichtsvergelijking, tijdsynchronisatie en berichtenwachtrij.
Guarding Vision Helpcentrum